Betekenis van:
geelbruin

geelbruin
Bijvoeglijk naamwoord
  • geelachtig bruin

Hyperoniemen

geelbruin
Bijvoeglijk naamwoord
  • een kleur hebbend die tussen geel en bruin in ligt

Voorbeeldzinnen

  1. Witte tot licht geelbruin gekleurde vaste stof.
  2. Wit of roomkleurig tot licht geelbruin gekleurd poeder
  3. Het is wit tot geelbruin en nagenoeg reukloos
  4. Wit tot geelbruin korrelig tot fijn kristallijn poeder
  5. Nagenoeg reukloos, wit tot geelbruin, vezelig of korrelig poeder
  6. Geelbruin tot geelachtig, grof tot fijn, vrijwel reukloos poeder
  7. Natriumijzer-EDTA (ethyleendiaminetetra-azijnzuur) is een reukloos vrijstromend geelbruin poeder met een chemische zuiverheid van meer dan 99 % (w/w).
  8. Met de leeftijd gaat de kleur van de wijnen geleidelijk geelbruin worden („tawny”), „medium tawny” of „light tawny”, met een boeket van gedroogde vruchten en hout; hoe ouder de wijn, hoe sterker de aroma’s.