Betekenis van:
geheim

geheim
Bijvoeglijk naamwoord
  • verborgen
"de geheime dienst"
"een geheim nummer/telefoonnummer"

Synoniemen

Hyperoniemen

geheim
Bijvoeglijk naamwoord
  • opzettelijk verborgen
geheim (het ~ | meervoud geheimen)
Zelfstandig naamwoord
  • iets dat geheim is, dat verborgen gehouden wordt of moet blijven
"een publiek geheim"
"(geen) geheimen hebben voor iemand"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

geheim (het ~ | meervoud geheimen)
Zelfstandig naamwoord
  • ondoorgrondelijk raadsel; moeilijk te doorgronden iets
"de geheimen der natuur"

Synoniemen

Hyperoniemen

geheim
Zelfstandig naamwoord
  • informatie die verborgen wordt en bestemd is om dat te blijven

Werkwoord


Voorbeeldzinnen

  1. 't Is een geheim.
  2. Tom vertelde me zijn geheim.
  3. Ze vertelde me haar geheim niet.
  4. Ik denk dat het een geheim is.
  5. Hij besloot zijn plan geheim te houden.
  6. Het FBI heeft de kamer van de misdadiger in het geheim van afluisterapparatuur voorzien.
  7. Geheim
  8. Zeer Geheim
  9. Oostenrijk Streng Geheim
  10. Er wordt geheim gestemd.
  11. De beraadslagingen van de commissie zijn geheim.
  12. Alle personeelsleden zijn stemgerechtigd en verkiesbaar. De verkiezingen zijn geheim.
  13. De besprekingen en de werkzaamheden van de tuchtraad zijn geheim.
  14. Een geheim bekendmaken of het verbreken van de geheimhoudingsplicht
  15. De stemming is openbaar of geheim; er kan ook een of hoofdelijke stemming worden gehouden.