Betekenis van:
haaien
haai (de ~ | meervoud haaien)
Zelfstandig naamwoord
- grote roofvis
"de witte haai"
"naar de haaien"
Synoniemen
Hyperoniemen
Hyponiemen
Voorbeeldzinnen
- Haaien staan bekend om hun bloeddorstig karakter.
- Haaien
- Haaien
- Kleine haaien
- Gladde haaien
- Haaien (Selachii, Pleurotremata)
- Haaien en doornhaaien, n.e.g.
- Angelsharks, sand devils Haaien, n.e.g. SHX
- Haaien [22] (wateren van Frans-Guyana)
- Verspreiding en dichtheid tonijn en haaien
- Voor de toepassing van deze verordening wordt onder „diepzeehaaien” verstaan, haaien die voorkomen in de volgende lijst van soorten:
- Vaartuigen die met ringzegens vissen, moeten indien mogelijk alle zeeschildpadden, haaien, makreelgepen, roggen, zeebrasems en andere niet-doelsoorten onverwijld ongedeerd vrijlaten.
- Uitsluitend te vangen met beuglijnen of vallen (snappers) of beuglijnen of netten met een maaswijdte van ten minste 100 mm, te gebruiken op een diepte van meer dan 30 meter (haaien).
- De hoeveelheid haaien aan boord van vaartuigen die vissen met het in punt 9.4, onder b), beschreven vistuig, mag niet meer bedragen dan 5 % levend gewicht van de totale hoeveelheid aan boord gehouden mariene organismen.
- Vaartuigen die in het Oostelijke en Centraal-Westelijke deel van de Stille Oceaan met ringzegens vissen, moeten indien mogelijk alle zeeschildpadden, haaien, makreelgepen, roggen, zeebrasems en andere niet-doelsoorten onverwijld ongedeerd vrijlaten.