Betekenis van:
informaticus

informaticus (de ~ | meervoud informatici)
Zelfstandig naamwoord
  • computerdeskundige

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. De kosten van de ondersteunende centra worden vervolgens opgesplitst tussen de belangrijke onderzoekscentra op basis van verscheidene factoren of verdeelsleutels (personeelsbezetting, loonsom, aantal betrekkingen van informaticus, kantooroppervlakte, kwaliteit van de temperatuur- en klimaatregeling).