Betekenis van:
keg

keg
Zelfstandig naamwoord
  • in blok met één schuine kant waarmee men iets kan vastklemmen of het wegrollen kan verhinderen. (De doorsnede van een keg is een rechthoekige driehoek, van een wig is dat een gelijkbenige driehoek.
"De deur woei steeds dicht, we hebben er een keg onder geschoven."
keg
Zelfstandig naamwoord
  • een wigvormige demper van rubber die wordt gebruikt bij het stemmen van piano of klavecimbel
"Om de toon van de te stemmen snaar goed te beluisteren, worden de overige snaren van het snarenkoor met keggen gedempt."

Voorbeeldzinnen

  1. Vaatje (keg) KG
  2. Tray, twee lagen zonder deksel, van kunststof DW Vaatje (firkin) FI Vaatje (keg) KG