Betekenis van:
ketting

ketting (de ~ | meervoud kettingen)
Zelfstandig naamwoord
  • rij dingen
"aan de ketting leggen"
"voor iemand op de ketting springen"

Hyperoniemen

Hyponiemen

ketting
Zelfstandig naamwoord
  • een stevige, maar buigzame, uit in elkaar grijpende schakels bestaande verbinding
"Het schip werd aan de ketting gelegd."
ketting
Zelfstandig naamwoord
  • een snoer bestaande uit een draad die door doorboorde kralen of andere voorwerpen gevoerd is
"Zij droeg een prachtige ketting met amethisten."
ketting
Zelfstandig naamwoord
  • Het Hooggerechtshof is in diverse landen het rechtsprekend orgaan dat bovenaan in de rechtsprekende hiërarchie staat.

Synoniemen

ketting
Zelfstandig naamwoord
  • schering, de rechte draden waartussen de inslag ingeweven wordt
ketting (de ~ | meervoud kettingen)
Zelfstandig naamwoord
  • weefseldraden; draden in de lengterichting v.e. weefsel

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen