Betekenis van:
matras

matras (de/het ~ | meervoud matrassen)
Zelfstandig naamwoord
  • meestal zachte, onderste laag v.e. bed
"een springveren/schuimrubber matras"
"de Gooise matras"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

matras
Zelfstandig naamwoord
  • lichaamsondersteunend onderdeel van een bed
"Doordat hij zo zwaar was raakten zijn matrassen altijd snel doorgelegen."