Betekenis van:
methodisch

methodisch
Bijvoeglijk naamwoord
  • betrekking hebben op een bepaalde methode, of gelijkend op die methode
"Hij ging heel methodisch te werk."
methodisch
Bijvoeglijk naamwoord
  • stelselmatig; volgens een methode; volgens plan; systematisch
"een methodische aanpak/werkwijze"
"een methodische fout"

Synoniemen

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. Dit was om me methodisch te laten leren denken.
  2. haar voorschriften en procedures methodisch worden vastgesteld en gehandhaafd;
  3. Duitsland verklaarde dat deze kengetallen zich binnen de waarden bewogen die de particuliere Duitse banken in de onderhavige periode hadden gerealiseerd. Aanvankelijk ontbraken evenwel methodisch gezien vergelijkbare gegevens van andere banken.
  4. De diverse belangen worden weliswaar tegen elkaar afgewogen, maar niet in een wiskundige vergelijking, vooral ook omdat het methodisch gezien zeer moeilijk is om elke factor binnen de beschikbare tijd met een redelijke veiligheidsmarge te kwantificeren, en omdat er meer dan één algemeen aanvaard kosten-batenanalysemodel bestaat.
  5. Met betrekking tot de verstrekking van methodisch vergelijkbare gegevens over dezelfde periode betreffende het rendement op het eigen vermogen van andere banken, verklaarde Duitsland dat het pas vanaf 1993 verplicht was om buitengewone resultaten en het resultaat van de gewone bedrijfsactiviteiten afzonderlijk in de winst- en verliesrekening op te voeren, waardoor een vergelijking met gegevens van vóór 1993 niet mogelijk was, omdat tot dan toe buitengewone winsten en uitgaven — naast andere posten — werden samengebracht onder de noemer „overige winsten/uitgaven” en daardoor niet precies konden worden geïdentificeerd.