Betekenis van:
plooien
plooien
Werkwoord
- iets in losse vouwen opstapelen
"Vouw de pijpen netjes over elkaar en plooi de broek over de hanger.}}"
plooien
Werkwoord
- rimpelen van het gezicht, veranderen van gezichtsuitdrukking
"Hij plooit zijn gezicht in een grijns."
plooien
Werkwoord
- geschikt maken, vormen, ombuigen
"Sinds mijn overstap kan zij haar baan plooien rond mijn regelmatige bestaan als docent.}}"
plooien
Werkwoord
- zich schikken naar
"De taal plooit zich voortdurend naar de veranderende omstandigheden."
Werkwoord
Voorbeeldzinnen
- Numeriek bestuurd apparaat voor het plooien van stents, bestaande uit een voetstuk, een pneumatisch aangedreven plooikop en een gemotoriseerd positioneringsmechanisme (V-blok), gebruikt bij de vervaardiging van medicinale stents om met behulp van radiale druk een stent om de ballon van een sonde heen te plooien [1]