Betekenis van:
principieel

principieel
Bijvoeglijk naamwoord
  • de grondslag rakend
"het ergens principieel mee oneens zijn"
"zich principieel opstellen"

Synoniemen

Hyperoniemen

principieel
Bijvoeglijk naamwoord
  • principieel

Synoniemen

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. Principieel kunnen ondernemingen geen gewettigd vertrouwen in onwettige steun hebben.
  2. De argumenten van Oostenrijk worden door GRAWE principieel ondersteund.
  3. Zij staat daarom in dit verband niet principieel afwijzend tegenover overheidsingrijpen.
  4. De Commissie roept in herinnering dat de belastingmaatregelen conform punt 50 van de kaderregeling milieu uit principieel oogpunt een significante bijdrage moeten leveren tot milieubescherming.
  5. Het is niet langer mogelijk om de bouw en exploitatie van luchthavens te beschouwen als een overheidstaak die principieel niet onder het staatssteuntoezicht valt.
  6. Zoals in bovenstaande alinea is gesteld, mag niet worden vergeten dat er voor belastingverlichtende regelingen principieel een koppeling moet zijn aan de vlag van één van de EVA-staten.
  7. Hij was ingenomen met de succesvolle afronding van de onderhandelingen van Helsinki en was het erover eens dat de EU principieel bereid is waarnemers ter beschikking te stellen om toe te zien op de uitvoering van het memorandum van overeenstemming.
  8. Hoewel het vergeven van vergunningen door middel van openbare aanbestedingen principieel de voorkeur verdient boven rechtstreekse toewijzing, is het naar de mening van de Commissie om verschillende redenen niet aannemelijk dat de openbare aanbestedingen in dit geval het economische voordeel van de Mabb-subsidie tot een minimum beperkt of zelfs opgeheven hebben en daarmee concurrentievervalsing voorkomen is.
  9. Binnen de overheidsinstellingen kan een principieel onderscheid worden gemaakt tussen [openbare administratieve instellingen] [„établissements publics à caractère administratif”, (EPA)], die zijn belast met traditionele administratieve taken, en [openbare bedrijven met een industrieel of commercieel karakter] [ „établissements publics à caractère industriel et commercial” (EPIC)], die economische activiteiten uitoefenen.