Betekenis van:
schrokken

schrokken
Werkwoord
  • te gulzig eten; iets gulzig eten; veel eten; gulzig eten; hard werken
"voedsel naar binnen schrokken"
"je moet niet zo schrokken!"

Synoniemen

Hyperoniemen

schrokken
Werkwoord
  • zo snel mogelijk eten
"Hij schrokte de pannenkoek naar binnen om de wedstrijd niet te missen."

Werkwoord