Betekenis van:
suikerwerk

suikerwerk
Zelfstandig naamwoord
  • snoep van suiker, met Sinterklaas bereid

Synoniemen

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. Ander suikerwerk
  2. Detailhandel in suikerwerk
  3. Cacao; chocolade en suikerwerk
  4. Hoofdstuk 17: Suiker en suikerwerk
  5. Brood, gebak, suikerwerk, biscuits en andere bakkerswaren
  6. Suikerwerk en overeenkomstige bereidingen, die cacao bevatten
  7. Suiker en suikerwerk, met uitzondering van:
  8. suikerwerk dat cacao bevat (post 1806);
  9. Suikerwerk en overeenkomstige bereidingen, die cacao bevatten
  10. Brood, gebak, suikerwerk, biscuits en andere bakkerswaren
  11. Suikerwerk zonder cacao (witte chocolade daaronder begrepen):
  12. Brood, gebak, suikerwerk, biscuits en andere bakkerswaren
  13. Detailhandel in brood, banketbakkerswerk en suikerwerk in gespecialiseerde winkels
  14. Zuurtjes en dergelijk hardgekookt suikerwerk, ook indien gevuld
  15. zuurtjes en dergelijk hardgekookt suikerwerk, ook indien gevuld