Betekenis van:
tweeling

tweeling
Zelfstandig naamwoord
  • twee wezens die met zijn tweeën tegelijk in één buik ontwikkeld zijn
"Tweelingen hebben al vaak meegewerkt aan wetenschappelijk onderzoek, waarvoor zij door hun bijzondere achtergrond van grote betekenis zijn."
Tweeling
Zelfstandig naamwoord
  • iemand geboren onder dit teken

Synoniemen

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. De tweeling ziet er precies hetzelfde uit.
  2. Tom kon de tweeling niet uit elkaar houden.
  3. Tijdens experimenten kunnen zowel penseelaapjes als tamarins over het algemeen samen worden gehouden met een compatibel dier van hetzelfde geslacht (tweeling, ouder of nakomeling), dan wel als paartjes van dieren van verschillend geslacht mits contraceptie wordt toegepast.