Betekenis van:
uitgestrektheid

uitgestrektheid (de ~ | meervoud uitgestrektheden)
Zelfstandig naamwoord
  • grote oppervlakte
"de weidse uitgestrektheid van de Waddenzee"

Synoniemen

Hyponiemen


Voorbeeldzinnen

  1. de relatieve uitgestrektheid van de wateren onder zijn soevereiniteit of jurisdictie die in voorkomend geval onder het gezamenlijke inzetplan vallen;