Betekenis van:
vanmorgen

vanmorgen
Bijwoord
  • de afgelopen ochtend

Voorbeeldzinnen

  1. Tom overleed vanmorgen.
  2. Sinds vanmorgen heb ik drie boeken gelezen.
  3. Mijn grootmoeder postte de brief vanmorgen.
  4. Ik ben vanmorgen om zeven uur opgestaan.
  5. Vanmorgen bij het ochtendgloren was er een lichte aardbeving.