Betekenis van:
vastgrijpen
vastgrijpen
Werkwoord
- iets stevig in de handen pakken
"Uzzia greep de Ark des Verbonds vast en werd op slag gedood."
vastgrijpen
Werkwoord
- ''zich ~ aan'': zich verankeren door iets stevig beet te pakken
"Zij trachtten zich eraan vast te grijpen, maar de stroming was te sterk."
Voorbeeldzinnen
- Bij gereserveerde zitplaatsen zijn leuningen en handgrepen aangebracht die de passagier gemakkelijk kan vastgrijpen.
- Leuningen en handgrepen moeten een zodanige doorsnede hebben dat de passagiers ze gemakkelijk en stevig kunnen vastgrijpen.