Betekenis van:
vee
vee (het ~)
Zelfstandig naamwoord
- tamme, viervoetige dieren die de mens wegens hun nut houdt
"vee houden"
"het vee graast in de wei"
Hyperoniemen
vee
Zelfstandig naamwoord
- door de mens om economische redenen gehouden dieren
Voorbeeldzinnen
- Het is eigen aan de armen hun vee te tellen
- Paardenencefalomyelitis (alle vormen, met inbegrip van VEE)
- Bereide voeders voor vee en andere dieren
- de aankoop en toediening aan vee van parenterale vaccins, en
- Anders dan bluetongue bij schapen en vee, is paardenpest vrijwel altijd dodelijk voor paarden.
- 17 01 04 04 — Verkennende studie: risicofinancieringsmodel voor vee-epidemieën — Uitgaven voor administratief beheer: 500000 EUR.
- Herbetredingstermijnen, vereiste wachttijden of andere voorzorgsmaatregelen voor de bescherming van mensen, vee en milieu
- „direct contact”: het contact van personen of vee met delen onder spanning;
- Merken, nummers, aantal en soort van de colli of stuks vee; omschrijving van de goederen
- Contact van personen (of vee) met delen onder spanning (IEV 826-03-05).
- De emissiefactoren per type vee voor darmgisting en mestbeheer en per type gewas en het kunstmestgebruik (ton)
- vee- of vleeshandelaren die daar voor eigen rekening laten slachten en in een nationaal BTW-register zijn ingeschreven.
- de data waarop vee het land mag begrazen of waarop het land voor de productie van diervoeder wordt bebouwd.
- trends in de omvang van de veestapel voor elke categorie vee in Nederland en in de derogatiebedrijven,
- De aantallen vee per diersoort (voor darmgisting slachtrunderen en melkkoeien, schapen, voor mestbeheer ook varkens en pluimvee)