Betekenis van:
voortbewegen

voortbewegen
Werkwoord
  • zich verplaatsen, in beweging zijn
"De slang bewoog zich met zijdelingse kronkels bliksemsnel voort over het zand."
voortbewegen
Werkwoord
  • aandrijven, doen bewegen
"Het uurwerk wordt voortbewogen door middel van opgetrokken gewichten."

Voorbeeldzinnen

  1. Voortbewegen van een schip op eigen kracht
  2. Nr. 15 Voortbewegen van een schip op eigen kracht
  3. De vluchtgegevensschrijver dient automatisch te beginnen met opnemen voordat het vliegtuig zich op eigen kracht kan voortbewegen en dient automatisch te stoppen zodra het vliegtuig zich niet langer op eigen kracht kan voortbewegen.
  4. De motor moet de aangedreven wielen met een constante snelheid van 50 km/h voortbewegen, tenzij om technische redenen een andere toestand de voorkeur verdient.
  5. Apparatuur die door een dienstverlener voor het verlenen van een dienst wordt gebruikt, valt buiten het toepassingsgebied van de RAPV, met name materieel waarmee consumenten zich voortbewegen of reizen en dat door een dienstverlener wordt bediend.
  6. De in punt 3.2.1.2 genoemde voorschriften zijn niet van toepassing als het voertuig zodanig is ontworpen dat de motor het voertuig niet kan voortbewegen wanneer de middenstandaard uitgeklapt is.
  7. Het stuurhutgeluidsopnameapparaat dient automatisch te beginnen met opnemen voordat het vliegtuig zich op eigen kracht voortbeweegt en door te gaan met opnemen tot het moment dat de vlucht is beëindigd en het vliegtuig zich niet langer op eigen kracht kan voortbewegen.
  8. „voertuig”: ieder voor deelname aan het wegverkeer bestemd motorvoertuig op ten minste vier wielen met een maximumsnelheid van meer dan 25 km/h, alsmede iedere aanhangwagen, met uitzondering van voertuigen die zich op rails voortbewegen, mobiele machines en landbouw- en bosbouwtrekkers, die bij het vervoer van gevaarlijke goederen met een snelheid van niet meer dan 40 km/h rijden;