Betekenis van:
voortplanten
voortplanten
Werkwoord
- ''zich ~'' het voorbrengen van een nieuwe generatie
"Olifanten planten zich maar langzaam voort."
voortplanten
Werkwoord
- ''zich ~'' het voortbewegen van een golf door een medium
"Geluid plant zich sneller voort door een spoorstaaf dan door de lucht."
Voorbeeldzinnen
- Zij kunnen zich echter niet goed voortplanten in de Voordelta.
- Rhesusapen kennen een voortplantingsseizoen, terwijl de andere soort zich in gevangenschap het hele jaar door voortplanten.
- Zebravinken zijn sociale vogels; exemplaren die zich niet voortplanten, dienen daarom in groep te worden gehuisvest.
- Schijfje: een individuele „bladachtige” structuur van een eendenkroosplant. Het is de kleinste eenheid, d.w.z. een individu dat zich kan voortplanten.
- De snelheid waarmee golven zich voortplanten in rijdraden is een karakteristieke parameter voor het bepalen van de geschiktheid van de bovenleiding voor gebruik op hogesnelheidslijnen.
- Indien micro-organismen tijdens het ingeperkte gebruik in een lidstaat in het milieu terechtkomen, kunnen zij zich voortplanten en nationale grenzen overschrijden, waarbij zij in andere lidstaten van invloed zijn.
- mariene ecosystemen die noodzakelijk zijn voor het overleven, functioneren, paaien/voortplanten of herstellen van visbestanden, dieren in specifieke levensfasen (bijv. kraam- of kweekgebieden) of zeldzame of bedreigde mariene soorten;