Betekenis van:
voortzetten

voortzetten
Werkwoord
  • iets langer laten duren
"Het werk werd nog enige maanden voortgezet, maar uiteindelijk opgegeven."
voortzetten
Werkwoord
  • iets na een pause hervatten
"Na deze korte onderbreking werd het werk voortgezet."

Voorbeeldzinnen

  1. En vanavond denk ik aan alles dat zij in haar eeuw in Amerika heeft gezien; het lief en het leed; het vallen en het opstaan, de keren dat ons gezegd werd dat we het niet kunnen, en de mensen die voortzetten met die Amerikaanse overtuiging: we kunnen het wel.
  2. Voortzetten van de gerechtelijke hervorming
  3. De privatisering van staatsbedrijven voortzetten.
  4. Voortzetten van projecten in ontwikkeling.
  5. Voortzetten van projecten in ontwikkeling.
  6. De aanpassing aan het acquis voortzetten.
  7. Voortzetten van de hervorming van de overheidsadministratie
  8. De hervorming van de landbouwsector voortzetten.
  9. Voortzetten van de hervorming van de arbeidsmarkt.
  10. Hierdoor kon de onderneming haar commerciële exploitatie voorlopig voortzetten.
  11. Voortzetten van de privatisering en herstructurering van het verzekeringswezen.
  12. Het failliete TB-concern mocht zijn ondernemingsactiviteiten voortzetten.
  13. De integratie van milieueisen in andere sectorale beleidspunten voortzetten.
  14. Voortzetten van de inspanningen om vroegere crisisgebieden te revitaliseren.
  15. De opleiding van wetshandhavers inzake mensenrechtenkwesties en onderzoekstechnieken voortzetten.