Betekenis van:
wervelen

wervelen
Werkwoord
  • zich al draaiend ergens heen bewegen
"De waterhoos was over het meer gewerveld."
wervelen
Werkwoord
  • ''overdrachtelijk'': zich snel voortbewegen
"De dansers wervelden over het toneel."
wervelen
Werkwoord
  • een draaiende beweging maken
"Bij het opengaan van de sluisdeur had het water heftig gewerveld."