Betekenis van:
worst
worst (de ~ | meervoud worsten)
Zelfstandig naamwoord
- rol vlees in een vlies
"of je worst lust!"
"dat zal mij/me (een) worst zijn/wezen!"
Hyperoniemen
Hyponiemen
worst
Zelfstandig naamwoord
- een toegebonden eind darm of vlies dat gevuld is met vleeswaar
"Mag ik een blikje worstjes openmaken?"
Voorbeeldzinnen
- worst;
- „Worst case”-scenario
- Bruto opbrengsten („worst case”)
- Worst van alle soorten
- Rullepølse (worst van opgerold vlees)
- Rullepølse (worst van opgerold vlees)
- gefermenteerde vleesproducten, met inbegrip van gefermenteerde worst
- worst, vleeswaren, reuzel, vleesconserven en verwerkt slachtafval;
- Bedrijfsresultaat nog niet belast („worst case”)
- Gedroogde gefermenteerde rauwe worst zonder toevoeging van nitrieten.
- „Thüringer Leberwurst” is in Thüringen de meest gewilde worst.
- Naast het bloed/zwoerd bevat de worst ook ongeveer 5 % lever.
- gedroogde worst en smeerworst, niet gekookt en niet gebakken [20] [22]:
- CPA 10.13.14: Worst van alle soorten, van vlees, van slachtafvallen of van bloed
- Het nieuwe plan bevat een aantal prognoses — best-case-, neutraal en worst-case-scenario — voor NGP en Simpe.