Betekenis van:
yoghurt

yoghurt (de ~)
Zelfstandig naamwoord
  • wit, dikkig melkproduct
"yoghurt met [perziken/bosvruchten]"
"Bulgaarse yoghurt"

Hyperoniemen

yoghurt
Zelfstandig naamwoord
  • een lichtzuur, lobbig zuivelproduct
"De yoghurt was, doordat hij in de zon gestaan had, helemaal zuur geworden."
yoghurt
Zelfstandig naamwoord
  • een lichtzuur, lobbig zuivelproduct
"De yoghurt was, doordat hij in de zon gestaan had, helemaal zuur geworden."

Voorbeeldzinnen

  1. yoghurt
  2. Yoghurt, niet gearomatiseerd
  3. Boter/kaas/yoghurt
  4. Yoghurt met smaakstoffen
  5. natuurlijk voorkomende stoffen, yoghurt, gefiltreerd
  6. natuurlijk voorkomende stoffen, melkpreparaten, yoghurt
  7. Yoghurt die is bereid uit melk als bedoeld onder a).
  8. CPA 10.51.52: Yoghurt en andere gegiste of aangezuurde melk of room
  9. Yoghurt van magere melk die is bereid uit melk als bedoeld onder a).
  10. Piimä/filmjölk of yoghurt die is bereid uit melk als bedoeld onder a).
  11. Yoghurt van halfvolle melk die is bereid uit melk als bedoeld onder a).
  12. Yoghurt van volle melk die is bereid uit melk als bedoeld onder a).
  13. Het betreft een onderneming die zuivelproducten vervaardigt (onder meer yoghurt en andere desserts op basis van melk).
  14. yoghurt:– e of aangezuurde melk en room, ook indien ingedikt, met toegevoegde suiker of andere zoetstoffen, gearomatiseerd of met toegevoegde vruchten of cacao:
  15. Karnemelk, gestremde melk en room, yoghurt, kefir en andere gegiste of aangezuurde melk en room, ook indien ingedikt, met toegevoegde suiker of andere zoetstoffen, gearomatiseerd of met toegevoegde vruchten of cacao