Vertaling van liv

Inhoud:

Deens
Nederlands
liv [o] {zn.}
leven 
hachje [o]
Jeg vil leve mit liv, med eller uden hende.
Ik zal mijn leven leven, met of zonder haar.
Jeg tror at hans liv er i fare.
Ik denk dat zijn leven gevaar loopt.

Voorbeelden in zinsverband

Deens
Nederlands

En kat har ni liv.

Een kat heeft negen levens.

Jeg tror at hans liv er i fare.

Ik denk dat zijn leven gevaar loopt.

Jeg vil leve mit liv, med eller uden hende.

Ik zal mijn leven leven, met of zonder haar.

I dag er det den første dag i resten af dit liv.

Vandaag is de eerste dag van de rest van je leven.