Vertaling van vi

Inhoud:

Deens
Nederlands
vi {pers. vnw.}
we
wij 

Voorbeelden in zinsverband

Deens
Nederlands

Vi overnattede i Hakone.

We brachtten de nacht door in Hakone.

Vi har valgt vinderne!

We hebben de winnaars gekozen!

Vi er mænd.

We zijn mannen.

Vi er arabere.

Wij zijn Arabieren.

Vi kender hende ikke.

We kennen haar niet.

Hvornår ankommer vi?

Wanneer zullen we er zijn?

Vi går i biografen.

We gaan naar de bioscoop.

Vi er folket.

Wij zijn het volk.

Vi er mennesker.

Wij zijn mensen.

Vi har to børn.

We hebben twee kinderen.

Vi kender ham ikke.

We kennen hem niet.

Vi spiller tit skak.

Wij spelen dikwijls schaak.

Vi er sultne.

We hebben honger.

Vi kender hende ikke.

We kennen haar niet.

Vi bor i et hus.

We wonen in een huis.