Vertaling van Bank
Inhoud:
Duits
Nederlands
Wo ist die Bank?
Waar is de bank?
Er arbeitet bei einer Bank.
Hij werkt bij een bank.
Voorbeelden in zinsverband
Duits
Nederlands
Wo ist die Bank?
Waar is de bank?
Wo ist die nächste Bank?
Waar is de dichtstbijzijnde bank?
Wo ist die nächste Bank?
Waar is de dichtstbijzijnde bank?
Setzen wir uns auf die Bank.
Laten we op de bank zitten.
Wieso habt ihr die Bank rot gestrichen?
Waarom heb je de bank rood geschilderd?
Die beiden Männer, die auf der Bank saßen, waren Amerikaner.
Die twee daar op de bank waren Amerikanen.
Ich sah einen jungen Mann auf der Bank unter dem Kirschbaum im Park liegen.
Ik zag een jonge men liggen op de bank onder de kerselaar in het park.
Sie hätten einen besseren Wechselkurs bekommen, wenn sie zu einer Bank gegangen wären.
Ze zouden een betere wisselkoers hebben gekregen als ze naar een bank zouden zijn gegaan.