Vertaling van Großer

Inhoud:

Duits
Nederlands
Großer {zn.}
grote
kanjer
aanzienlijk persoon [m]
Was für ein großer Hund!
Wat een grote hond!
Er ist ein großer Feigling.
Hij is een grote lafaard.


Voorbeelden in zinsverband

Duits
Nederlands

Was für ein großer Hund!

Wat een grote hond!

Ich bin ein großer Golffan.

Ik ben een grote fan van golf.

Er ist als großer Maler bekannt.

Hij is bekend als een groot schilder.

Aus ihm ist ein großer Musiker geworden.

Hij is een geweldige musicus geworden.

Mit großer Freude heißen wir dich hier willkommen.

Het is met veel plezier dat we u hier verwelkomen.