Vertaling van Liebling

Inhoud:

Duits
Nederlands
Favorit [m] (der ~), Günstling [m] (der ~), Liebling [m] (der ~) {zn.}
gunsteling [m]
lieveling [m]
favoriet [m]


Voorbeelden in zinsverband

Duits
Nederlands

Warum weinst du, Liebling?

Waarom huil je, liefje?

Lüg nicht, Liebling.

Niet liegen liefste.


Gerelateerd aan Liebling

Favorit - Günstling