Vertaling van ein wenig

Inhoud:

Duits
Nederlands
ein wenig, etwas, ziemlich, ein bißchen {bw.}
een beetje
een weinig
enigszins
nogal
tamelijk 
wat 


Voorbeelden in zinsverband

Duits
Nederlands

Ich bin ein wenig müde.

Ik ben een beetje moe.

Ein wenig

Een (klein) beetje

Du hast heute ein wenig Fieber, oder?

Je hebt een klein beetje koorts vandaag, is het niet?


Gerelateerd aan ein wenig

etwas - ziemlich - ein bißchen