Vertaling van ganz

Inhoud:

Duits
Nederlands
ganz, total {bn.}
compleet 
gans 
heel 
geheel 
vol 
volkomen
volslagen
ganz, gänzlich, gar {bw.}
finaal
heel 
geheel 
helemaal
totaal
volkomen
volledig 


Voorbeelden in zinsverband

Duits
Nederlands

Ganz meinerseits

Graag gedaan!

Sie wünscht sich zu ihrem Geburtstag etwas ganz Besonderes.

Ze wil iets heel speciaals voor haar verjaardag.

"Wann wirst du zurückkommen?" "Das hängt ganz vom Wetter ab."

"Wanneer kom je terug?" "Dat hangt helemaal van het weer af."

Du bist etwas ganz Besonderes.

Je bent heel bijzonder

Jemand, der so fleißig ist wie er, wird ganz gewiss erfolgreich sein.

Een man zo ijverig als hij moet wel succes hebben.

Sie streiten viel, aber die meiste Zeit kommen sie ganz gut miteinander aus.

Ze maken veel ruzie, maar voor het grootste deel schieten ze goed met elkaar op.


Gerelateerd aan ganz

total - gänzlich - gar