Vertaling van hilf!

Inhoud:

Duits
Nederlands
hilf! {tw}
help!
help mij!
assistieren, beistehen, helfen, unterstützen, mithelfen, zur Hand gehen {ww.}
helpen 
ter zijde staan
bijstaan 
assisteren 
Wirst du ihnen helfen?
Zal je hen helpen?
Kann ich dir helfen?
Kan ik u helpen?
mithelfen, mitwirken, beitragen {ww.}
meehelpen
beistehen, beispringen, helfen, beitragen, begünstigen, fördern, nützen {ww.}
helpen 
ter zijde staan
bijstaan 
baten 
Kann ich helfen?
Kan ik helpen?
Könntet ihr mir helfen?
Kunt u me helpen?


Voorbeelden in zinsverband

Duits
Nederlands

Komm und hilf uns.

Kom ons helpen.

Hilf ihm, wenn er beschäftigt ist.

Help hem als hij het druk heeft.