Vertaling van instruieren

Inhoud:

Duits
Nederlands
lehren, belehren, instruieren, unterrichten, unterweisen {ww.}
leren
scholen
instrueren
bijbrengen 

wir instruieren
sie instruieren

wij leren
zij leren
» meer vervoegingen van leren

Ich kann dich das Kämpfen lehren.
Ik kan je leren vechten.

Gerelateerd aan instruieren

lehren - belehren - unterrichten - unterweisen