Vertaling van mitnehmen
Inhoud:
Duits
Nederlands
mitnehmen, zusammennehmen {ww.}
meevoeren
ich werde mitnehmen
du wirst mitnehmen
er/sie/es wird mitnehmen
ik zal meevoeren
jij zult meevoeren
hij/zij/het zal meevoeren
» meer vervoegingen van meevoeren
mitnehmen {ww.}
medebrengen
medenemen
vergaderen
meenemen
meebrengen
afhalen
medenemen
vergaderen
meenemen
meebrengen
afhalen
ich werde mitnehmen
du wirst mitnehmen
er/sie/es wird mitnehmen
ik zal medebrengen
jij zult medebrengen
hij/zij/het zal medebrengen
» meer vervoegingen van medebrengen
ich werde mitnehmen
du wirst mitnehmen
er/sie/es wird mitnehmen
ik zal meenemen
jij zult meenemen
hij/zij/het zal meenemen
» meer vervoegingen van meenemen
Du darfst mitbringen, wen du willst.
Je mag wie je maar wilt meenemen.
Voorbeelden in zinsverband
Duits
Nederlands
Zum Mitnehmen? Oder essen Sie hier?
Is het om hier te eten, of om mee te nemen?
Ich werde vorbeikommen und dich morgen früh mitnehmen.
Ik kom morgenochtend langs om je op te halen.