Vertaling van regnen

Inhoud:

Duits
Nederlands
regnen {ww.}
regenen 
Es wird regnen.
Het gaat regenen.
Es wird gleich regnen.
Het gaat regenen.


Voorbeelden in zinsverband

Duits
Nederlands

Ich fürchte, es wird regnen.

Ik ben bang dat het gaat regenen.

Es wird auf jeden Fall regnen.

Het zal zonder twijfel gaan regenen.

Ich befürchte es wird morgen regnen.

Ik ben bang dat het morgen gaat regenen.

Es hört bald auf zu regnen.

Het zal gauw stoppen te regenen.