Vertaling van säen

Inhoud:

Duits
Nederlands
säen {ww.}
inzaaien
zaaien

wir säen
sie säen

wij zaaien in
zij zaaien in
» meer vervoegingen van inzaaien

Aussaat [v] (die ~), Säen [o] (das ~) {zn.}
zaaiing [v]


Gerelateerd aan säen

Aussaat - Säen