Vertaling van wähnen

Inhoud:

Duits
Nederlands
wähnen {ww.}
illusies wekken bij
begoochelen

wir wähnen
sie wähnen

wij begoochelen
zij begoochelen
» meer vervoegingen van begoochelen

schwärmen, träumen, wähnen {ww.}
dromen 
mijmeren

wir wähnen
sie wähnen

wij dromen
zij dromen
» meer vervoegingen van dromen

Du bringst mich zum Träumen.
Ge doet mij dromen.


Gerelateerd aan wähnen

schwärmen - träumen