Vertaling van asleep
Inhoud:
Engels
Nederlands
asleep, at peace, at rest, deceased, departed, gone {bn.}
vervlogen
omgevlogen
omgevlogen
asleep, at peace, at rest, deceased, departed, gone {bn.}
ongastvrij
asleep, at peace, at rest, deceased, departed, gone {bn.}
zoek
verdwenen
vermist
verdwenen
vermist
Voorbeelden in zinsverband
Engels
Nederlands
He was almost asleep.
Hij sliep bijna.
I thought Tom was asleep.
Ik dacht dat Tom sliep
My left arm is asleep.
Mijn linkerarm slaapt.
My left foot is asleep.
Mijn linkervoet slaapt.
My left foot just fell asleep.
Mijn linkervoet is net in slaap gevallen.
He fell asleep behind the wheel and had an accident.
Hij viel in slaap achter het stuur en had een ongeval.
My father often falls asleep while watching TV.
Mijn vader valt vaak in slaap voor de TV.
The little boy was asleep in his bed.
Het jongetje lag in zijn bed te slapen.