Vertaling van belching

Inhoud:

Engels
Nederlands
to belch, to burp {ww.}
oprispen
boeren
belch, belching, burp, burping, eructation {zn.}
boer [m] (de ~)
belch, belching, burp, burping, eructation {zn.}
regurgitatie
rejectie
oprisping [v] (de ~)
to belch, to bubble, to burp, to eruct {ww.}
boeren

Gerelateerd aan belching

belch - burp - burping - eructation - bubble - eructbelch