Vertaling van did ,
Sorry, er is geen exacte vertaling gevonden in het Engels - Nederlands woordenboek
Vertaling in zinsverband
Engels
Nederlands
Where did you go?
Waar ging je heen?
How did it happen?
Hoe is dat gebeurd?
He did it himself.
Hij heeft het zelf gedaan.
Where did Tom go?
Waar ging Tom naartoe?
Why did you stay?
Waarom ben je gebleven?
He himself did it.
Hij heeft het zelf gedaan.
He did nothing wrong.
Hij heeft geen fout gemaakt.
Why did you stop?
Waarom ben je gestopt?
Did you call?
Hebt ge geroepen?
Why did you quit?
Waarom heb je ontslag genomen?
She did it carefully.
Zij deed het voorzichtig.
What did he say?
Wat heeft hij gezegd?
What did you say?
Wat heb je gezegd?
We finally did it.
Het is ons eindelijk gelukt.
Did you work yesterday?
Heb je gisteren gewerkt?
Vergelijkbare woorden
Engels
Nederlands
to didder, to shake {ww.}
trillen
didactic {bn.}
didactisch
didactics, education, educational activity, instruction, pedagogy, teaching {zn.}
onderricht
didactics, education, educational activity, instruction, pedagogy, teaching {zn.}
instructie
didactic, didactical {bn.}
onderwijskundig
didactisch
didactisch
didactic, didactical {bn.}
schoolmeesterachtig
frikkerig
frikkerig
to didder, to shake {ww.}
opschudden
to didder, to shake {ww.}
schokken
stoten
stoten
to diddle, to fiddle, to play, to toy {ww.}
stoeien
spelen
spelen
to bunco, to con, to defraud, to diddle, to gip, to goldbrick, to gyp, to hornswoggle, to mulct, to nobble, to rook, to scam, to short-change, to swindle, to victimize {ww.}
zwendelen