Vertaling van gliding

Inhoud:

Engels
Nederlands
glide, gliding {zn.}
zweefvlucht
zeilvlucht
glide, gliding {zn.}
uitglijden
to glide {ww.}
slibberen
to glide, to plane, to volplane {ww.}
zweefvliegen
een glijvlucht maken
to glide, to slide {ww.}
opschuiven
schuiven
to glide, to slip, to slide {ww.}
glibberen
glijden
glippen
schuiven
uitglijden

I am gliding

glide, gliding, sailing, sailplaning, soaring {zn.}
vol plané
vol-plané
glijvlucht [m] (de ~)
glide, gliding, sailing, sailplaning, soaring {zn.}
glijvlucht [m] (de ~)
to glide {ww.}
zweefvliegen

Gerelateerd aan gliding

glide - plane - volplane - slide - slip - sailing - sailplaning - soaringflight - aviate