Vertaling van cambiar

Inhoud:

Spaans
Nederlands
cambiar, mudar {ww.}
veranderen 
wisselen 
vermaken
¿Deberíamos cambiar la bandera?
Moeten we de vlag veranderen?
Quiero cambiar de vida.
Ik wil mijn leven veranderen.
cambiar, variar {ww.}
variëren
werken 
afwisselen 
desnaturalizar, cambiar {ww.}
denatureren

Voorbeelden in zinsverband

Spaans
Nederlands

¿Deberíamos cambiar la bandera?

Moeten we de vlag veranderen?

Quisiera cambiar de pieza.

Ik wil graag mijn kamer veranderen.

Quiero cambiar de vida.

Ik wil mijn leven veranderen.

Tenemos que cambiar nuestro plan.

We moeten ons plan veranderen.

¿Deberíamos cambiar la bandera de Australia?

Moeten we de Australische vlag veranderen?

Eso no va a cambiar nada.

Dat zal niets aan de zaak veranderen.

El pasado lo podemos conocer pero no cambiar. El futuro lo podemos cambiar pero no conocer.

Het verleden kan men slechts kennen, niet veranderen. De toekomst kan men slechts veranderen, niet kennen.

Las hojas han empezado a cambiar de color.

De blaadjes zijn begonnen van kleur te veranderen.

Me pregunto qué le habrá hecho cambiar de idea.

Ik vraag me af wat hem van gedachte heeft doen veranderen.

No hace falta cambiar el aceite cada tres mil millas.

Het is niet nodig de olie elke 3000 mijl te vervangen.

Todos piensan en cambiar el mundo, pero nadie piensa en cambiarse a sí mismo.

Iedereen denkt erover om de wereld te veranderen, maar niemand denkt erover om zichzelf te veranderen.


Gerelateerd aan cambiar

mudar - variar - desnaturalizar