Vertaling van enfermo
Inhoud:
Spaans
Nederlands
Voorbeelden in zinsverband
Spaans
Nederlands
Estoy enfermo.
Ik ben ziek.
¿Quién te dijo que estaba enfermo?
Wie heeft je verteld dat ik ziek was?
Me sentía enfermo cuando desperté esta mañana.
Toen ik vanochtend wakker werd, voelde ik me ziek.
Mi hermano está enfermo desde ayer.
Mijn broer is ziek sinds gisteren.
No pudo venir porque estaba enfermo.
Hij kon niet komen, omdat hij ziek was.
No pude ir a trabajar porque estaba enfermo.
Ik kon niet gaan werken want ik was ziek.
Se dice que él está enfermo de gravedad.
Men zegt dat hij ernstig ziek is.
Mi padre nunca ha estado enfermo en su vida.
Mijn vader is zijn hele leven nooit ziek geweest.
Mario está tan enfermo que apenas puede moverse.
Mario is zo ziek dat hij zich nauwelijks nog kan bewegen.