Vertaling van escuchar

Inhoud:

Spaans
Nederlands
escuchar {ww.}
luisteren 
beluisteren 
toeluisteren
toehoren
aanhoren
Mi hobby es escuchar música.
Mijn hobby is muziek beluisteren.
Mi hobby es escuchar música.
Mijn hobby is muziek beluisteren.

Voorbeelden in zinsverband

Spaans
Nederlands

Me gusta escuchar música.

Ik luister graag naar muziek.

Me gusta escuchar música clásica.

Ik luister graag naar klassieke muziek.

Deberíais escuchar a vuestra madre.

Je zou naar je moeder moeten luisteren.

Mi hobby es escuchar música.

Mijn hobby is muziek beluisteren.

Mi hobby es escuchar música.

Mijn hobby is muziek beluisteren.

Él estaría contento de escuchar eso.

Hij zou blij zijn dat te horen.

Estoy harto de escuchar sus quejas.

Ik ben het beu om naar haar gezaag te luisteren.

Le dije qué hacer pero no quiso escuchar.

Ik zei hem wat te doen maar hij wou niet luisteren.

Me gusta escuchar música, y aún más tocar.

Muziek beluisteren doe ik graag, en muziek spelen nog liever.

Me quedé estupefacto al escuchar lo que había pasado.

Ik was verwonderd wanneer ik hoorde wat er gebeurt was.

Después de escuchar una canción en árabe durante diez segundos, finalmente Dima oyó una voz familiar decir "¡as-salamu alaykum!".

Nadat hij tien seconden lang naar een Arabisch liedje had geluisterd, hoorde Dima eindelijk een bekende stem zeggen: "As-salamoe aleikoem!"

Después de escuchar una canción en árabe durante veinte segundos esta vez (ya que si la hubiera escuchado durante diez segundos ésta sería una oración duplicada), finalmente Dima oyó una voz familiar decir "¡as-salamu alaykum!".

Nadat hij ditmaal twintig seconden lang naar een Arabisch liedje had geluisterd - want als hij tien seconden lang had geluisterd, zou dit een dubbele zin zijn - hoorde Dima eindelijk een bekende stem zeggen: "As-salamoe aleikoem!"