Vertaling van número
yo numero
él/ella numeró
ik nummer
hij/zij/het nummerde
» meer vervoegingen van nummeren
Voorbeelden in zinsverband
No tengo tu número.
Ik heb je nummer niet.
¿Qué número calza usted?
Welke schoenmaat heeft u?
Anoté su número de teléfono.
Ik heb zijn telefoonnummer genoteerd.
Creo que marcaste el número equivocado.
Ik denk dat je het verkeerde nummer hebt.
¿Sabe ella tu número de teléfono?
Kent zij uw telefoonnummer?
Tienes que coger el autobús número 5.
Jullie moeten bus 5 nemen.
Yo anoté ese número de teléfono.
Ik heb dat telefoonummer opgeschreven.
Mi número de habitación es el 5.
Het nummer van mijn kamer is 5.
Un número apreciable de estudiantes quiere ir a la universidad.
Een aanmerkelijk aantal studenten wil naar de universiteit gaan.
El siete es un número de la suerte.
Zeven is een gelukbrengend getal.
Pídele a Tom que me llame. Él tiene mi número.
Vraag Tom me te bellen. Hij heeft mijn nummer.
En este país el número medio de hijos por familia cayó de 2 a 1.5.
In dit land is het gemiddeld aantal kinderen per gezin gedaald van 2 naar 1,5.
Algunos creen que el siete es un número de la suerte.
Sommigen geloven dat zeven een geluksgetal is.
Si el número de autos incrementa, también lo hará el tráfico.
Als het aantal auto's toeneemt, neemt ook het verkeer toe.
El número promedio de embarazos por mujer en países industrializados es dos.
Het gemiddelde aantal zwangerschappen per vrouw is twee, in geïndustrialiseerde landen.