Vertaling van couper

Inhoud:

Frans
Nederlands
couper, tailler, trancher {ww.}
snijden 
snerpen


Voorbeelden in zinsverband

Frans
Nederlands

Il se fait couper les cheveux une fois par mois.

Hij knipt zijn haar eens per maand.

Il se fait couper les cheveux une fois par mois.

Hij laat zijn haar eens per maand knippen.


Gerelateerd aan couper

tailler - trancher