Vertaling van cour


Frans
Nederlands
cour [v] (la ~) {zn.}
binnenplaats  [v]
plaats  [v]
hof  [o]
erf  [o]
Il y a un paon dans la cour.
Er loopt een pauw op de binnenplaats.
cour [v] (la ~) {zn.}
hof 
cour [v] (la ~) {zn.}
gerechtshof
hof