Vertaling van nord
Inhoud:
Frans
Nederlands
nord {zn.}
noorden
Le vent souffle du nord.
De wind komt uit het noorden.
L'Italie est bordée au nord par la Suisse.
Italië grenst in het noorden aan Zwitserland.
Voorbeelden in zinsverband
Frans
Nederlands
Le vent souffle du nord.
De wind komt uit het noorden.
En Allemagne du Nord, il y a plus de landes qu'en Allemagne du Sud.
In Noord-Duitsland zijn meer heides dan in Zuid-Duitsland.
Quelle est la montagne la plus élevée en Amérique du Nord ?
Wat is de hoogste berg van Noord-Amerika?
En Allemagne du Nord, il y a plus de païens qu'en Allemagne du Sud.
In Noord-Duitsland zijn meer heidenen dan in Zuid-Duitsland.