Vertaling van nuit

Inhoud:

Frans
Nederlands
nuit [v] (la ~) {zn.}
nacht  [m]
Il travaille toute la nuit.
Hij werkt de hele nacht.
La nuit a été longue.
Het was een lange nacht.
nuire {ww.}
deren
schaden 
benadelen 

il/elle nuit

hij/zij/het deert
» meer vervoegingen van deren

nuire {ww.}
schaden 

il/elle nuit

hij/zij/het schaadt
» meer vervoegingen van schaden



Voorbeelden in zinsverband

Frans
Nederlands

Bonne nuit, maman.

Welterusten, mama.

Il travaille toute la nuit.

Hij werkt de hele nacht.

Bonne nuit tout le monde !

Slaapwel iedereen!

La nuit a été longue.

Het was een lange nacht.

Je lui dis bonne nuit.

Ik wens haar een goede nacht.

Bonne nuit. Fais de beaux rêves.

Slaapwel. Droom zoet.

Qu'as-tu fait la nuit dernière ?

Wat heb je afgelopen nacht gedaan?

Il a plu la nuit dernière.

Het heeft geregend vannacht.

Combien par nuit?

Hoeveel kost het per nacht?

Sysko traîne dans des bars secrets la nuit.

Sysko verkeert 's nachts in geheime kroegen.

Avez-vous regardé la télévision la nuit dernière ?

Heb je verleden nacht naar de televisie gekeken?

La neige recouvrit toute la ville pendant la nuit.

De sneeuw heeft de hele stad bedekt gedurende de nacht.

Ils ont pris la route la nuit dernière.

Gisteravond zijn ze vertrokken.

Je n'ai pas pu dormir de toute la nuit.

Ik kon de hele nacht niet slapen.

Presque tous les travailleurs ont refusé de travailler la nuit.

Bijna alle werknemers weigerden te werken tijdens de nacht.


Gerelateerd aan nuit

nuire