Vertaling van permettre


Frans
Nederlands
permettre {ww.}
veroorloven
vergunnen
toelaten
toestaan 
gedogen
Je ne peux me permettre de gaspiller le moindre yen.
Ik kan het me niet veroorloven om ook maar één yen te verspillen.
Je ne peux pas me permettre de manger dans un restaurant aussi cher.
Ik kan het mij niet veroorloven om in zo'n duur restaurant te eten.