Vertaling van prochain

Inhoud:

Frans
Nederlands
prochain {bn.}
spoedig 
prochain, suivant {bn.}
aanstaand 
volgend
prochain {bn.}
komend
aankomend 
aanstaand 
suivant, prochain
volgende


Voorbeelden in zinsverband

Frans
Nederlands

Demandez-lui quand part le prochain avion.

Vraag hem wanneer het volgende vliegtuig gaat.

Que dis-tu d'organiser un barbecue dimanche prochain ?

Wat dacht je van een barbecuefeestje aankomende zondag?


Gerelateerd aan prochain

suivant